• Home
  • Kantoor
    • Ons team
    • Algemene Voorwaarden
    • Tarieven
    • Klachtenregeling
  • Specialisaties
    • Aansprakelijkheidsrecht
    • Arbeidsrecht
    • Contractenrecht
    • Huurrecht, onroerende zakenrecht en bouwrecht
    • Incasso
    • Ondernemingsrecht
  • Nieuws
  • Contact
  • Vacatures

Advocaat Eindhoven

Google-Beoordeling
4.3
Gebaseerd op 13 recensies

30 maart 2017

Wijziging inzake veertiendagenbrief (14-dagenbrief)

Op grond van artikel 6:96 lid 2 sub c Burgerlijk Wetboek komen redelijke kosten die een schuldeiser maakt om zijn geldvordering geïncasseerd te krijgen, voor rekening van de schuldenaar. Dit worden ook wel buitengerechtelijke incassokosten genoemd.

In lid 6 van artikel 6:96 Burgerlijk Wetboek is bepaald dat in het geval de schuldenaar een consument is (en dus niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf), de buitengerechtelijke incassokosten pas verschuldigd zijn nadat de consument-schuldenaar hiertoe is aangemaand en betaling van de hoofdsom binnen een termijn van 14 dagen niet heeft plaatsgevonden. Vereist is verder dat in deze aanmaning, ook wel de 14-dagenbrief genoemd, de hoogte van de alsdan verschuldigde buitengerechtelijke incassokosten wordt genoemd. Op deze manier is het voor de consument-schuldenaar duidelijk wat de gevolgen zijn indien hij niet tot tijdige betaling overgaat en wordt hij aldus niet overvallen met deze kosten.

Omdat in de praktijk onduidelijkheid bestond over de wettelijke 14-dagen termijn, zijn hierover prejudiciële vragen voorgelegd aan de Hoge Raad. Bij arrest van 25 november 2016 heeft de Hoge Raad deze vragen beantwoord. Ter aanvulling op dit arrest heeft het Landelijk Overleg van Kantonrechters (LOVCK) op 2 februari 2017 nog enkele aanbevelingen geformuleerd.

De huidige regels omtrent de 14-dagenbrief zijn als volgt:

  • De 14-dagen termijn vangt (pas) aan daags na die waarop de aanmaning door de consument-schuldenaar is ontvangen. Op die manier heeft de consument-schuldenaar veertien volle dagen de gelegenheid om de verschuldigde hoofdsom te betalen, zonder dat hij incassokosten verschuldigd is.
  • De aanmaning dient zodanig geformuleerd te zijn dat het voor de consument-schuldenaar duidelijk is dat incassokosten verschuldigd zijn indien niet betaald is “binnen 14 dagen vanaf de dag nadat deze brief bij u is bezorgd/ door u is ontvangen” of “binnen 15 dagen nadat deze brief bij u is bezorgd/ door u is ontvangen”.
  • Alle andere formuleringen kunnen verwarrend of misleidend zijn voor de consument-schuldenaar.

Overigens staat het de schuldeiser vrij om een langere termijn dan de wettelijke 14 dagen in de aanmaning op te nemen, bijvoorbeeld: “binnen drie weken nadat deze brief bij u is bezorgd/ door u is ontvangen”, zolang de gestelde termijn maar gekoppeld is aan de ontvangst van de brief.

Voor zover de gestelde termijn in de aanmaning onjuist of te kort is, is het de schuldeiser te adviseren een nieuwe 14-dagenbrief te versturen die alsnog aan de wettelijke eisen en aanbevelingen voldoet. Indien de aanmaning niet voldoet aan de gestelde eisen, zal de rechter de gevorderde incassokosten in een eventuele procedure namelijk afwijzen. Een onjuist vermelde termijn kan ook niet hersteld worden door de consument-schuldenaar alsnog een extra betalingstermijn te geven van bijvoorbeeld een aantal dagen.

Om te bewijzen dat de schuldeiser heeft voldaan aan de wettelijke eisen van de 14-dagenbrief, is het vereist dat een kopie van de verzonden aanmaning wordt overgelegd in een eventuele incassoprocedure en hiernaar gemotiveerd wordt verwezen in de dagvaarding. Zo dient uit de tekst van de dagvaarding te blijken wanneer de 14-dagenbrief door de schuldeiser is verstuurd en (indien bekend) wanneer deze door de consument-schuldenaar is ontvangen.

Op het moment dat de consument-schuldenaar de hoofdsom alsnog tijdig voldoet, is hij geen incassokosten verschuldigd. Mocht de consument-schuldenaar slechts een deel van de verschuldigde hoofdsom voldoen binnen de gestelde termijn, dan dient uit de dagvaarding te blijken hoeveel er door de schuldeiser is ontvangen en op welke datum. Wanneer de schuldeiser dit niet aangeeft in een eventuele procedure, zal de rechter ervan uitgaan dat de betaling is ontvangen binnen de termijn van 14 dagen en zijn de buitengerechtelijke kosten slechts toewijsbaar over de resterende hoofdsom.

Advies
De aanbevelingen hebben directe werking en er geldt geen overgangsperiode. Wij adviseren u dan ook uw modelaanmaning onmiddellijk aan te passen. Mocht u vragen hebben over (het aanpassen van) uw incassotraject, neem dan contact op met  Linda Swalen.

De Moel Eindhoven Advocaten is gespecialiseerd in het incasseren van geldvorderingen. Indien u de incasso van uw vordering uit handen wil geven, bent u bij ons kantoor ook aan het juiste adres.

Tags: 14-dagenbrief, aanbevelingen, incassokosten, termijn, veertien

Beroepsorganisaties

Nederlandse Orde van Advocaten
Raad voor Rechtsbijstand

Indexeringsclausule in een huurovereenkomst: balanceren tussen redelijkheid en rechtvaardigheid

12 maart 2024 Door Chantal Simons

In de dynamische wereld van huurrecht, waar huurders en verhuurders voortdurend hun belangen … [Lees verder...]

Stoppen met alimentatie betalen omdat inkomen is gedaald ten gevolge van de coronacrisis?

22 februari 2021 Door Marc Burgers

Ondernemend Nederland wordt hard getroffen door de maatregelen die door de overheid zijn genomen om … [Lees verder...]

Kan een werkgever het dragen van een mondkapje verplicht stellen?

11 februari 2021 Door Amy Vincent

De overheid heeft bepaald dat iedereen vanwege het coronavirus vanaf 1 december 2020 verplicht is om … [Lees verder...]

Minder huur betalen tijdens de coronacrisis. De rechtbank beslist dat het mogelijk is.

29 januari 2021 Door Floris de Moel

Veel ondernemers worden op financieel gebied hard geraakt door de coronacrisis. Waar mogelijk worden … [Lees verder...]

Arbeidsrecht

25 januari 2021 Door Amy Vincent

Hebben uitzendkrachten/oproepkrachten ook recht op doorbetaling van loon als er geen of minder werk … [Lees verder...]

Indexering alimentatie per 1 januari 2021

17 december 2020 Door Marc Burgers

In de Wet is bepaald dat een door de rechter vastgestelde alimentatie en een alimentatie die … [Lees verder...]

Mag een persoon die samenwoont met een huurder in het gehuurde blijven na het overlijden van de huurder?

23 november 2020 Door Floris de Moel

In de wet (artikel 7:268 BW) zijn hieromtrent regels opgenomen. Of een persoon die samen met de … [Lees verder...]

Weblog archief

Copyright © 2026 | Privacy Policy | Ontwerp LawPress